Rozen kweekte ze, samen met haar man. Hun stuk grond was smal, maar langer dan je kon zien. Achter de dijk hadden ze een tweede stuk grond. Allemaal rozen, voor de bloemenveiling in Aalsmeer, denk ik, dit schrijvende besef ik de vraag nooit te hebben gesteld.
(meer...)De eerste drie waren fijn, leuk en vernieuwend. De vierde spannend. De vijfde en zesde ging het steeds een beetje moeizamer. Een zevende maand was ons niet gegund.
Vandaag beëindigden W. en ik onze relatie. Wat ruim zes maanden geleden zo verrassend, mooi en fijn begon is niet meer. Spoken uit verleden en heden zitten té veel tussen ons in. Hoeveel we ook om elkaar geven, hoe lief we elkaar vinden, we kunnen niet meer. Ik kan niet meer. Het is niet meer.
Wel zes, geen zeven. En dat voelt zwaar klote.
...vind je in schoenpoetsdozen.
Besmeurd met zwarte, blauwe en rode poets, in luxere huishoudens ook soms met een witte veeg. Door de strepen heen en op een enkele nog niet besmeurde pagina lees je berichten van soms jaren geleden.
Is de gewone krant de volgende dag al oud nieuws, schoenpoetskranten gaan lang, soms decennia mee. Vaak blijft na de vele jaren gebruik alleen de voorpagina redelijk leesbaar, daar waar je 'm oppakt wil je tenslotte geen vegen.
(meer...)Op een dag besloot de koning om zijn eerste minister een lesje te leren. Hij zei tegen hem: "Er moet een bepaalde ring bestaan die jij voor me moet zoeken. Ik wil hem hebben voor het Loofhuttenfeest, dus je hebt zes maanden om hem te vinden."
"Als hij bestaat, waar ook ter wereld Uwe Majesteit," antwoordde de minister, "zal ik hem vinden en hem u bezorgen. Maar wat maakt de ring zo bijzonder?"
"Hij heeft magische kracht," antwoordde de koning. "Als een gelukkig mens ernaar kijkt, wordt hij bedroefd, maar als een bedroefd iemand hem ziet wordt hij gelukkig."
(meer...)
Lopend op stap in Valencia, met een groep collega’s die ik in korte tijd op een leuke, ongedwongen manier leer kennen. Met alle ruimte om eens niet rechtdoor, maar even linksaf te gaan, of juist rechtsaf, of een paar stappen terug voor die ene mooie foto of dat ene mooie meisje voor de vrijgezellen onder ons.
Alle ruimte om te praten, luisteren, denken, niksen. Denken aan nu, aan later, aan vroeger. Aan geliefden, aan zij die er lang waren maar nu niet meer zijn. Praten over werk, niet-werk, over makkelijke dingen en over moeilijkere. Over problemen die sommigen uitdagingen noemen, over klachten die anderen als vragen oppakken. Over werkstructuren, processen, dingen die goed gaan en handiger kunnen.
Luisteren naar elkaar om zo de ander te leren kennen. Rangen en standen zijn er even niet, evenals een primus inter pares. Vrij van gedachten wisselen, zonder dingen op de persoon te spelen. Kijkend naar heden, verleden en toekomst.
Een uitje dat we naar onze klanten verkopen als teambuilding klinkt grappig. Mooi wordt het wanneer het ook écht zo blijkt te werken! Ik
werk nog geen maand bij dit bedrijf, graag blijf ik er nog een paar langer. En dat mag, alle partijen zijn tevreden.
Ik? Ik ben gelukkig.
Enigszins trots vertelde hij soms dat hij aan het einde van de maand weer wat gespaard had. Voor zichzelf kocht hij alleen de hoogstnodige dingen, terwijl hij om het geld niets hoefde te laten. De scootmobiel die hij kreeg liet hij toch maar weer ophalen, het rijden was té anders dan in zijn auto. De rollator die hij eigenlijk heel goed kon gebruiken kwam er niet, dat vond hij niet nodig.
Hij had veel boeken, ook nadat hij bij zijn laatste verhuizing de helft achter had gelaten. Een meter of vijfendertig, veertig resteerde, met weinig anders te doen herlas hij alles in zijn eigen tempo.
Exact een week geleden vierden mijn ouders hun veertigjarig huwelijk. Opa uitgenodigd, die vond het leuk om erbij te zijn. Een paar dagen later bedacht hij zich, hij wilde eigenlijk toch niet meer uit huis, vond het teveel gedoe. Zaterdagochtend tóch nog even gebeld, "natuurlijk!" wilde hij opgehaald worden om erbij te zijn! Aldus geschiedde: opa zat op tijd beneden klaar, werd opgehaald en we dronken gezellig een kopje thee met z'n allen, mét taart. Ook leerde opa W. kennen, mijn nieuwe vriendin. "Leuk om je te leren kennen! Misschien is dit gelijk wel de laatste keer dat we elkaar zien..." Ook op zijn negentigste was hij dan nog helemaal bij, een beetje somber kon hij op zijn oude dag soms wel zijn.
Deze week kreeg hij voor het eerst thuiszorg om te helpen met het wassen, kleden en eten opwarmen. Vanmorgen nog belde mijn moeder hem, hij was vrolijk en goed te spreken over de hulp! Toen de thuiszorg tussen de middag weer kwam zat opa op het toilet. Zonder pijn en in zijn eigen omgeving de pijp aan Maarten geven, mooier kan het eigenlijk niet.
Afgelopen september werd mijn opa negentig, zojuist overleed hij. Het is goed zo.
Dag lieve opa, in gedachten ben je bij ons. Enne, doe de groetjes aan oma, ze wachtte al even op je daar op die mooie wolk. Fijn dat jullie nu weer samen zijn.
Exact één jaar geleden was R. op een lange reis in Zuid-Amerika en zat ik alleen thuis. Toen zij daar ook weer kwam bleek dat ze bedacht had dat ze maar weer vrijgezel moest zijn. Een tijdje later kwam het besef dat ik dat dan ook weer was.
Vandaag zit ik in het atelier van mijn ouders. Met W., die ik kort geleden leerde kennen. Met wie het zó mooi, zo bijzonder, zo fantastisch, soms op het bizarre af klikt dat we aan één woord, vaak zelfs al aan alleen het denken aan het woord genoeg hebben om te weten wat we bedoelen.
Niet gedacht nu alweer een bijzondere klik te ervaren, en al helemaal niet zo'n bizarre!
Ik besluit te berusten in de bijzonder- en bizarheid, te genieten van al het mooie en me niet af te vragen hoe en waarom.
Najaar 2004, druk aan de studie met radio op de achtergrond aan. Dan gebeurt er iets, wat weet ik niet precies. Minuten later komt het besef dat ik niet meer bezig ben, maar slechts luister. Met volle aandacht, met kippenvel.
Twee dagen later, eindelijk weet ik wat ik hoorde. Online playlists waren er nog niet, een mailtje naar de redactie bood uitkomst. Bol bestond al wel, drie dagen later was de cd in huis en geript naar de mp3speler.
7 december 2010. Met vriendin B. zit ik in Carré. Luisterend. Genietend. Live. Het kippenvel is er nog steeds.
Zo blij dat ik toen luisterde, anders had ik dit niet ervaren.
Drie kende ik echt, een vierde alleen van foto's en verhalen. Die van mijn moeders kant woonden in de buurt, daar kwamen we iedere week. Even bellen, twintig minuutjes fietsen en ik schoof zo aan bij de thee of lunch. Altijd gezellig, altijd een warm welkom, regelmatig samen naar een antiquariaat voor nieuwe oude boekjes.
Nu resteert alleen nog opa S., mijn jongste opa die inmiddels ook in zijn éénennegentigste levensjaar rondhuppelt. Oma T. was van 1905, in 2002 vond ze het welletjes en ging ze lekker slapen. Opa D, man van oma T., was al 28 jaar eerder zover.
Oma en opa S. gingen eigenlijk heel goed. In een mooi, ruim, comfortabel huis in een rustige wijk in Hilversum met vrienden en bekenden om zich heen konden ze nog jaren door. Tot het telefoontje dat oma met buikpijn in het ziekenhuis was opgenomen. We hoorden haar nooit eerder over pijn, dus het was ernstig. Drie weken later was het gedaan, pas veel later bleek dat het uitgezaaide kanker was. Toen bij het opruimen van het huis overal doosjes pijnstillers vandaan kwamen werd duidelijk dat ook de laatste weken thuis al slecht waren.
In het ziekenhuis wilde ze nauwelijks bezoek ontvangen, daar was ze te trots voor. Ik zag haar dan ook pas weer toen het allemaal al achter de rug was. Opgelucht dat ze geen pijn meer had, tegelijk intens verdrietig. De vreemdste combinatie van gevoelens.
Iedere dag is ze in gedachten even bij me, pas op de vijfde sterfdag van oma ben ik eraan toe er iets over te schrijven.